|
Pagina 1 van 4
De Grote of Sint Nicolaaskerk
Gelegen aan de rand van de bebouwing, domineert de Grote Kerk van Edam de noordwestelijke hoek van de stad. Een oude stadskerk in een overwegend landelijke omgeving is geen alledaagse verschijning. Men heeft dan ook een legende bedacht om de excentrische ligging van de kerk te verklaren. De keuze van de plaats zou door het lot worden bepaald. Men liet in het midden van de stad een stier los en bouwde de kerk op de plaats waar het dier zich te ruste legde. In werkelijkheid echter maakte de bouw van de nieuwe kerk deel uit van een stadsuitbreiding aan het begin van de 15e eeuw.
Geschiedenis
Kerk en toren dateren beide uit de 15e eeuw. De kerk was oorspronkelijk een eenvoudige kruiskerk met smalle zijbeuken. De transeptgevels zijn nu nog duidelijk herkenbaar. Vermoedelijk was er een bescheiden koor. Omstreeks 1500 werden de zijbeuken van het schip verbreed waardoor een hallenkerk ontstond. Later werd de noordelijke zijbeuk langs de toren doorgetrokken. In het begin van de 16e eeuw werd het koor gesloopt en vervangen door het thans nog bestaande uitgestrekte koor. Kort daarop werden het noord- en zuidportaal gebouwd. Laatstgenoemd portaal, dat als enig onderdeel van de kerk van rijke laatgotische detaillering is voorzien, maakt deel uit van een aanbouw, de librije.
In 1602 brak een grote brand uit waarbij de kap geheel verloren ging en alle kolommen zwaar werden beschadigd. Direkt werd met het herstel begonnen. De kerk kreeg een geheel nieuwe kap en nieuwe vensters waarbij tal van Hollandse steden gebrandschilderde glazen schonken. De verbrande natuurstenen kolommen werden ten dele hersteld en gepleisterd. Nadien werd de fundering verschillende malen hersteld.
In de jaren 1925-1931 werd al het glas gerestaureerd en de kap met de goten waterdicht gemaakt. In 1962-1980 volgde een grondige restauratie. Alle kolommen werden in natuursteen vernieuwd. De gehele fundering werd hersteld waarbij de kerk op betonnen palen kwam te rusten. De kerk meet 83 x 35,5 m.
De inrichting
Er gaat een grote bekoring uit van het inwendige van de kerk, niet slechts door de harmonische verhoudingen van de weidse ruimte, maar ook door de aankleding, die merendeels uit de tijd van de bouw stamt. Sfeerbepalend zijn allereerst de glazen uit de periode 1606-1608 (koor) en 1624-1625 (schip). Het liturgische centrum van de herbouwde kerk was en is in het schip. Zijn functionele inrichting bevat belangrijk oud meubilair: in de dooptuin een zeskantige preekstoel uit 1649, eiken doophek en doopbanken uit 1657, voorts eiken banken, losstaand en om kolommen gegroepeerd. Ook het koperwerk in de dooptuin - lezenaars, doopboog en doopbekkenhouder - stamt uit de 17e eeuw. Het hoofdorgel tegen de westmuur en het eiken tochtportaal daaronder completeren de oorpronkelijke functionele inrichting van het schip. Het koor, als tweede liturgisch centrum, wordt door een eiken hek uit de 17e eeuw van het schip afgescheiden.
Naast glazen vormen kerkborden en wapenschilden de belangrijkste sieraden van het interieur. Wat de 17e eeuwse inventaris betreft, dragen twee borden opschriften uit de bijbel, en vijf borden andere teksten. Bij de restauratie van 1963-1979 werd een muurschildering ontdekt in de noordbeuk tegen de transeptmuur aan. Het is een opschrift met de Tien Geboden, vermoedelijk uit de eerste helft van de 17e eeuw.
Wapenschilden zijn in de glazen, op de talloze grafzerken in de vloer, en op de opgehangen wapenborden te vinden. De koperen lichtkronen zijn ook uit de 17e eeuw.
De librije
De librije, waarvan de stichtingsdatum onbekend is, functioneerde als bibliotheek. De oudste boeken zijn vijf incunabelen uit de 15e eeuw. Het merendeel van de boeken is in het Latijn geschreven en voor theologen bestemd. De ruimte deed tevens dienst als Latijnse school, waar voortgezet onderwijs werd gegeven.
De Grote of Sint Nicolaaskerk vanuit Google's "Streetview":
http://www.panoramio.com/photo/20925918
[Bron: Edam, de Glazen van de Grote Kerk. Z. van Ruyven-Zeman en anderen. Herv. Kerkvoogdij, Edam, 1994.]
|